Verworvenheden van de Tunesische vrouw

september 2003 -

Leïla Ben Ali, echtgenote van de Tuneschische president, opende in augustus de conferentie De Tunesische vrouw, partner met gelijke rechten. Onderwerp van de conferentie, ter ere van het ‘nationale feest van de vrouw’, was de rol van de vrouw in het arbeidsproces en in de (economische) ontwikkeling van Tunesië. De algemene teneur was er een van grote tevredenheid over de verworvenheden van de vrouw sinds de Verandering, zoals het begin van de regeerperiode van Zine El Abidine Ben Ali wel wordt genoemd.

Maar al sinds de onafhankelijkheid van 1956 is Tunesië een uitzondering in de Arabische en islamitische wereld als het gaat om vrijheden en rechten van vrouwen. De toenmalige president Habib Bourguiba verbood polygamie en verstoting en maakte scheiding wettig. Hij verhoogde de huwbare leeftijd voor meisjes naar 17 jaar en zorgde ervoor dat meisjes zonder uitzondering toegang kregen tot het onderwijs.

President Zine El Abidine Ben Ali volgde Bourguiba op in 1987. Hij ziet eveneens het belang van emancipatie en rechten van de vrouw. Hij tornde niet aan de vernieuwingen die Bourguiba doorvoerde. Hij breidde ze zelfs uit. Sinds 1993 hebben vrouwen en mannen gelijke rechten en plichten binnen het huwelijk en met betrekking tot de kinderen. Sindsdien bestaan er ook sociale voorzieningen voor gescheiden vrouwen. Het verbod op elke vorm van discriminatie van vrouwen op de werkvloer is wettelijk vastgelegd. Vrouwen zijn sinds 1997 verkiesbaar in het parlement.

De Tunesische vrouw lijkt zodoende een stuk beter af dan de vrouwen in de buurlanden Algerije - waar in 1984 een wijziging van de familiewet polygamie opnieuw mogelijk maakte - en Marokko - waar drie jaar geleden wetshervormingen ten gunste van de vrouw in de kiem gesmoord werden.

Uit de workshops tijdens de conferentie volgde een reeks aanbevelingen om de rol van de vrouw nog verder te ontwikkelen. Leïla Ben Ali riep de Tunesische vrouw op om nog meer initiatief en moed aan de dag te leggen, zodat zij deel kan nemen aan de kennismaatschappij en aan de moderne mondiale economie.