Lezing Okwui Enwezor op ECF-conferentie over geëngageerde kunst

april 2004 -

De European Cultural Foundation (ECF) organiseerde van 11 tot en 14 maart de conferentie Almost Real in Utrecht. Zo'n honderdvijftig bezoekers uit Europa en de rest van de wereld namen deel aan workshops en debatten over kunst en sociale veranderingen. Hart van de conferentie vormde de lezing van Okwui Enwezor getiteld The Artist as Producer in Times of Crisis.

Okwui Enwezor is een Nigeriaanse kunstcriticus met een indrukwekkende staat van dienst. Hij is oprichter van Nka: Journal of Contemporary African Art, en trad onder meer op als curator van de tweede Biënnale in Johannesburg en Documenta 11 in Kassel. Tijdens de lezing op de ECF-conferentie Almost Real pleitte hij voor geëngageerde kunstenaarscollectieven.

De kunstenaar als individu met een zo authentiek mogelijke stem is een product van het kapitalistische westen, stelde Enwezor. In tijden van crisis bereikt zo'n enkeling niets. Pas als kunstenaars zich verzamelen, kunnen ze een weerwoord bieden aan dominante bewegingen, zoals het globalisme.

In de postkoloniale Afrikaanse staten heerst crisis. De samenlevingen gaan gebukt onder armoede en dictatoriale regimes. Hulpprogramma's van de Wereldbank leiden volgens Enwezor slechts tot diepere ellende. De kunstenaars die er in deze landen in slagen een maatschappelijke verandering te bewerkstelligen, hebben hun eigen stem tijdelijk opgegeven ten gunste van een collectief.

Enwezor noemde het voorbeeld van de Kongolese kunstenaarsgroep Group Amos. Deze zette de grootste demonstratie op touw die ooit tegen Mubutu is gehouden. Hun creatieve, niet-gewelddadige acties omvatten radio-uitzendingen, artikelen, workshops, en video's; activiteiten die de grenzen van het museum overstijgen.

Enwezor zei te merken dat deze artistieke collectiviteit modieus begint te worden. Dit stemt hem omgerust. Hij wil niet dat dit fenomeen door musea als 'ornament', als 'radical chic' wordt omarmd. Dan verliest het zijn kritische kracht.