Regeringsleiders ACP-landen geven cultuur prioriteit

augustus 2004 -

Niet alleen bananen en cashewnoten zijn goed voor de economie; ook kunst kan voorspoed brengen. Tijdens de 4de ACP-bijeenkomst in Mozambique eind juni 2004 spraken de regeringsleiders over cultuur en ontwikkeling.

‘Cultuur is een groot goed [culture is a many sided asset],’ onderstreepte Laisenia Qarase, premier van de Fiji-eilanden, tijdens de bijeenkomst in Maputo. ‘Cultuur kan ons dichter bij elkaar brengen en een belangrijk instrument zijn in economische ontwikkeling.’

De armste 79 landen in Afrika, de Cariben en de Stille Oceaan (ACP) hebben cultuur sinds een jaar hoog op hun politieke agenda staan. In juni 2003 troffen de ministers van cultuur van de ACP-landen elkaar voor het eerst in Senegal en stelden ze de Verklaring van Dakar op. Daarin verplichten de landen zich om een cultuurbeleid te formuleren en de sector voortaan te betrekken bij ontwikkelingsstrategieën.

Door de handen ineen te slaan in coproducties en distributie hopen de ACP-landen de verspreiding van hun artistieke creaties op de wereldmarkt te bevorderen. Het idee is om per regio samen te werken in specifieke projecten, zoals kunsttentoonstellingen. Ook zullen culturele productie en diensten centraler staan tijdens multilaterale handelsbesprekingen met bijvoorbeeld de Europese Unie (EU). De ACP wil onderhandelen over een betere toegang van hun kunstenaars en cultuurgoed tot de Europese markt. Tot nog toe gingen de bijeenkomsten voornamelijk over landbouwproducten. Er is een ACP Culturele Stichting opgericht die alle plannen moet gaan coördineren.

De belangrijkste donor van de ACP-landen is de EU; deze relatie is tegelijkertijd het enige EU-mandaat op het gebied van cultuur en ontwikkeling. Het samenwerkingsverband bestaat, naast de financiering van cultuurprojecten, uit het ACP Cinema Support Programme. Daarnaast gaat de EU vanaf 2005 de culturele industrieën in ACP-landen ondersteunen. Voor de Culturele Stichting gaat de ACP op zoek naar andere financieringsbronnen.