Mozambikaanse journalisten voor meer kunst in de media

februari 2004 -

In Mozambikaanse kranten zijn nauwelijks berichten over kunst te vinden. Ook op de radio is cultuur sporadisch. Een groep journalisten besloot daarom kunst in de media te promoten. Ze bespreken elkaars werk, organiseren culturele manifestaties en dromen van een eigen kunsttijdschrift. Succes hebben ze al geboekt: Notícias, Mozambique’s grootste krant, heeft sinds kort een wekelijkse kunstbijlage.

Het journalistennetwerk, Cooperativa de Artes e Letras (COOPAL), betrekt een klein kantoor in Maputo. Het is door de Southern African Development Community (SADC) gratis ter beschikking gesteld. Het dient vooral als vergaderruimte. ‘We hebben niet eens een telefoon en we betalen veel uit eigen zak’, zegt Augusto Rodrigues, journalist van Rádio Moçambique en medeoprichter van COOPAL. ‘Maar dat houdt ons niet tegen. Eens per week komen we bij elkaar om plannen te bespreken en om elkaar te vertellen waarover we hebben bericht. We wisselen dan contacten en informatie uit. Daarnaast bekritiseren we elkaars werk. Daar leren we van. We willen steeds beter worden als kunstjournalisten.’

Een ander doel is om meer aandacht voor kunst in de media te krijgen. Voorzichtig boeken de acht journalisten die momenteel zijn aangesloten bij het netwerk succes. De voornaamste krant van Mozambique, Notícias, kwam halverwege vorig jaar met de eerste editie van een flitsend opgemaakte kunstbijlage op woensdag. Acht pagina’s maar liefst. ‘Voorheen hadden we slechts de dagelijkse cultuurpagina, maar dat was lang niet genoeg’, zegt Gil Filipe, die sinds 1997 deel uit maakt van de vierkoppige kunstredactie van Notícias. ‘De bijlage is een hele vooruitgang.’ Op kunstgebied gebeurt genoeg, vinden de journalisten, maar de sector is niet alleen in de media een ondergeschoven kindje, maar in de hele Mozambikaanse samenleving. ‘De politiek is niet gevoelig voor cultuur’, zegt Augusto Rodrigues. ‘Het wordt niet serieus genomen. Hoewel er veel talent is, bestaat in Mozambique geen culturele industrie.’

Ook dat wil het journalistennetwerk, dat twee jaar geleden werd opgericht, veranderen. Bij het Mozambikaanse publiek is COOPAL vooral bekend door de jaarlijkse culturele manifestatie die ze organiseren, Sons da Escrita (‘Geluiden van het Schrijven’). De manifestatie biedt theater, muziek, beeldende kunst, een boekenbeurs en seminars, bijvoorbeeld over de identiteit van de Mozambikaanse cultuur. In december organiseerden de journalisten een hommage aan Justino Chemane, de schrijver van het eerste volkslied van Mozambique, die gewond raakte bij een verkeersongeluk. ‘In dit land bestaat de slechte gewoonte om kunstenaars pas te erkennen nadat ze zijn overleden’, vindt Gil Filipe. ‘Dat wilden we met Justino Chemane voorkomen.’

Hun grootste droom hebben de journalisten nog niet bereikt: het opzetten van een kunsttijdschrift. Een nulnummer bestaat al, getiteld Culturando. ‘Daarvoor kregen we eenmalige financiering van een Italiaanse organisatie, om te kunnen laten zien wat we willen’, zegt Gil Filipe. ‘Het is duur, maar we vinden nog steeds dat we ermee moeten doorgaan. We denken dat er wel degelijk een markt voor is. Informatie is cruciaal, en specifieke informatie noodzakelijk. Cultuur gaat over hoe we onszelf definiëren. Mensen die niet weten wie ze zijn, zijn geen levende mensen. Als het aan ons ligt, heeft Mozambique voor het eind van dit jaar haar eerste kunsttijdschrift.’