Culturele diversiteit vult conferentieagenda's

juli 2005 -

Drie internationale conferenties bogen zich in juni over culturele diversiteit. Het doel was eendrachtig: een tegengif vinden voor de negatieve gevolgen van globalisering.

'Marginalisering en buitensluiting zijn de directe effecten van het kapitalisme,' sprak de Mexicaanse socioloog Pablo Gonzalez Casanova begin juni in Havana tot een publiek van 836 kunstenaars, academici, regeringsfunctionarissen en ontwikkelingsorganisaties. Zijn woorden weerspiegelden de teneur van de vierdaagse conferentie over cultuur en ontwikkeling, die sinds 1999 elke twee jaar door het Cubaanse ministerie van cultuur wordt georganiseerd. Het westen dringt ontwikkelingslanden met 'imperialistische middelen zoals de media' binnen en vormt een bedreiging voor 'het behoud van collectieve herinneringen'.

De conferentiegangers wisselden van gedachten over een scala aan onderwerpen, waaronder cultuurbeleid, de relatie tussen cultuur en economie en de cultuur van nieuwe technologieën. Tevens ontving de Costa Ricaanse schrijver Mario Solano de Think Against the Flow Award voor zijn boek Capitalism and Violence. De prijs is ingesteld door Cubaanse culturele instellingen om alternatieven voor de hegemonie van het kapitalisme te stimuleren.

In Parijs bespraken in dezelfde periode de Europese en Aziatische ministers van cultuur op 7 en 8 juni hun standpunten ten opzichte van culturele diversiteit. Een belangrijk punt was de rol van cultuur in ontwikkeling: nogal wat landen vinden het moeilijk om te balanceren tussen culturele tradities en economische vooruitgang. Tot concrete stappen leidde de bijeenkomst van de 45 ministers van cultuur op 11 en 12 juni in Madrid. Zij ondertekenden een verklaring waarin ze stelden dat het beschermen van culturele diversiteit een gezamenlijk doel is. Tevens hamerden ze op het belang van de Unesco Convention on the Protection of the Diversity of Cultural Contents and Artistic Expressions , waarover de lidstaten aanstaande oktober hun oordeel vellen.