Staatssecretaris Nicolaï: ‘Cultuur is onmiddellijk goed voor toerisme’

april 2006 -

Overzees cultureel erfgoed wint aan betekenis in Nederland. Maar willen ontwikkelingslanden de herinneringen aan de Hollandse slavenhandel en kolonialisme niet liever van de kaart vegen? Staatssecretaris Atzo Nicolaï: "De meeste Nederlanders hebben geen idee van de monumenten die we elders hebben achtergelaten."

Staatssecretaris Nicolaï

Staatssecretaris Nicolaï: “Vroeger was de wereld ook al klein”

"In India bezocht ik de VOC-archieven: die verpulverden werkelijk voor je ogen. Zodra de deur dichtging, bladerde het verder af. Dan is je eerste zorg: laten we er zo snel mogelijk voor zorgen dat dit niet voor de eeuwigheid verloren gaat." Staatsecretaris Atzo Nicolaï, verantwoordelijk voor het internationale cultuurbeleid, heeft het behoud van gemeenschappelijk erfgoed tot zijn missie gemaakt. Hoewel deskundigen zich er al jaren over bogen, bleef de instandhouding van de stokoude VOC-archieven en -gebouwen in Azië, Latijns Amerika en Afrika verstoken van politiek aandacht, en daarmee van financiering.

"We gingen een beetje besmuikt om met ons verleden, dachten dat we ons eigenlijk moeten schamen voor al die mooie fortificaties waar slaven en specerijen zijn verhandeld," verklaart Nicolaï. "Dat vind ik onzin. Wij kunnen ons daar niet meer voor schamen. Belangrijk is dat die landen dat óók zo zien. Ze weten heus wel dat het erfgoed te maken heeft met de Hollanders die er met hun schepen handel dreven. Dat men het als iets fouts beschouwd, heb ik nergens bespeurd. Indonesië is een van de weinige landen waar dat wel gevoelig ligt. Maar daar hebben we natuurlijk een heel andere geschiedenis."

galle
Hollandse kerk, ofwel de Groote Kerk, te Galle, Sri Lanka, 1752-1755. Bron: Atlas of Mutual heritage

Ontroerend noemt Nicolaï de sporen die de VOC-vaarders van Brazilië tot Ghana en Sri Lanka hebben achtergelaten. "Als ik op een begraafplaats in de tropen een grafzerk zie onder een palmboom, helemaal in het Nederlands, besef ik dat de wereld toen ook al klein was."
Vooral het Srilankaanse Galle waar het VOC-schip De Avondster werd gerestaureerd, vindt Nicolaï indrukwekkend. Hij bezocht het vestigingstadje in januari 2006 om een nieuwe impuls te geven aan de samenwerking met de Srilankaanse overheid, die drie jaar eerder begon. "Ik merkte dat de autoriteiten tot op het hoogste niveau betrokken en geïnteresseerd zijn in erfgoedbehoud. Men ziet het ook als eigen erfgoed. Maar het blijft wel hard trekken. Sri Lanka heeft een tsunami gehad en er zijn enorme politieke problemen op het eiland."

De inwoners van Galle, en elders, moeten meer bij de restauratieprojecten worden betrokken, vindt de staatssecretaris. "Je kunt een hele hoop verzinnen, maar als de plaatselijke bevolking niet inziet dat ze er baat bij heeft als de boel wordt opgeknapt, kom je nergens. In Galle zijn prachtige stranden. Op een paar uur rijafstand bevinden zich natuurparken. Die combinatie, samen met de cultuur, is goud waard. Het is onmiddellijk goed voor het toerisme, dat door de tsunami juist is teruggelopen. De lokale vissers moeten inzien dat ze straks aan meer mensen kunnen verkopen omdat er toeristen naar Galle komen."

Hoewel Nederland inmiddels met vijf landen projecten opstelde, is het beleid nog te versnipperd en ondergesneeuwd. "We zijn een wonderlijk ondernemend volk geweest. Daar moeten we gewoon trots op zijn," meent Nicolaï. " De meeste Nederlanders hebben geen idee van de monumenten die we elders hebben achtergelaten. In Ghana heb ik een reis langs de forten gemaakt. De regionale 'chiefs' hadden een prachtig welkomstritueel: het uitschenken van Henkes-jenever uit Schiedam. Dat was erg grappig. Het zet je aan het denken over hoe door de eeuwen heen culturen op allerlei manieren met elkaar in aanraking zijn gekomen."