Invloed WTO en Unesco-verdrag op wereldhandel in cultuur onduidelijk

juli 2006 -

Al geruime tijd klinken waarschuwingen dat nationale kunstsubsidies onder druk staan van afspraken die landen maken in het kader van de World Trade Organisation (WTO). Door de vrijhandel en de daaraan gekoppelde consumentenpreferenties zouden inheemse cultuurproducten uiteindelijk het loodje leggen. De omzet in de internationale cultuurmarkt is thans 60 miljard dollar.

Als reddingsboei werd vorig jaar de Unesco Convention on the Protection of the Diversity of Cultural Contents and Artistic Expressions in stelling gebracht. Die conventie stelt dat cultuurgoederen zowel een economische als culturele waarde vertegenwoordigen. Op grond hiervan kunnen lidstaten hun eigen politiek voeren en hun culturele industrie blijven steunen. De WTO en de EU verbieden dat, al gelden er uitzonderingen voor bijvoorbeeld de audiovisuele sector, waardoor sicamagFrankrijk zijn filmindustrie jaarlijks met 500 miljoen euro mag steunen.

Zal de Unesco-conventie uiteindelijk in staat zijn de scherpe kanten af te slijpen van alles wat in WTO-verband in directe en indirecte zin ten aanzien van cultuur wordt ondernomen? Hoe scherp zijn die kanten eigenlijk? Gaat het over de protectie van het kwetsbare of om het stimuleren van diversiteit in culturele ontwikkelingen?

SICAmag 30, een uitgave van Stichting Internationale Culturele Activiteiten (SICA), is geheel gewijd aan cultuur in de wereldhandel. Het magazine is te raadplegen via de website van het SICA.

Ook werd samen met de Boekmanstichting een studiedag georganiseerd over dit onderwerp. Hierbij bleek dat de kennis bij Nederlandse kunstinstellingen over de WTO-onderhandelingen en het Unesco-verdrag zeer beperkt is. Gezien de ruime opkomst zijn veel Nederlandse culturele organisaties wél geïnteresseerd in het onderwerp.

Juristen en economen deden verslag van de stand van zaken. Uit discussies kwam naar voren dat de invloed van de WTO-verdragen en de Unesco-conventie nog erg onduidelijk is voor zowel deskundigen als vertegenwoordigers van culturele organisaties. Er zijn geen conclusies getrokken tijdens deze studiedag, al waren alle aanwezigen het over één ding eens: het onderwerp blijft actueel.

met dank aan Cas Smithuijsen en Yvette Gieles