Film ondersteunt emancipatie Quilombolas in Brazilië

mei 2008 -

De Braziliaanse maatschappelijk werkster Jeide Nogueira werkt al tien jaar in Sambaquim en Riachão do Sambaquim, twee kleine nederzettingen van Quilombolas. Quilombolas zijn afstammelingen van gevluchte slaven. Ze koos die gemeenschap als werkgebied omdat de bevolking er extreem arm is en gediscrimineerd wordt, ook naar Braziliaanse maatstaven. "Ze hadden daardoor een heel negatief beeld van zichzelf. De laatste twee jaar is dat veranderd, dankzij de film Ate a vista alcança."

De aanleiding voor die documentaire, die op initiatief van Caramundo werd vertoond op het Latin American Film Festival (LAFF) in Utrecht, ontstond toen Nogueira ontdekte dat vrijwel niemand in de gemeenschap ooit de zee had gezien en dat zij dat wel heel graag zouden willen. Ze organiseerde een bingo om geld in te zamelen voor de huur van een busje om met z’n allen naar zee te gaan, 150 kilometer ver weg.

Peres Calheiros had als fotograaf van een onderzoeksgroep van antropologen in deze gemeenschap gewerkt. Toen hij van de plannen hoorde, besloot hij om daar een film over te maken. Het werd een combinatie van digitale film en zwart-witfoto's. Dat werkte sterk – de bewegende beelden geven informatie over de gemeenschap en hun achtergrond. De krachtige foto's benadrukken de historische waarde van de reis. Volgens Peres Calheiros ondersteunt de film zo de strijd van de quilombolas om erkenning van hun erfgoed: "De film toont mensen met een droom. Het publiek kan zich met hen identificeren want iedereen heeft dromen." Als vervolg op zijn documentaire zette Peres Calheiros het auto-audiovisueel project Tankalé op, waarin mensen hun eigen gemeenschap filmen.

Seu Joãzinho, één van de mensen in de film, vertelt stralend over het filmfestival van Pernambuco, waar drieduizend mensen voor het oog van televisiecamera's voor de film applaudisseerden. "Voor het eerst worden wij vertegenwoordigd." Peres Calheiros: "De massamedia in Brazilië laten quilombeiros steevast zien als bendes die grootgrondbezitters van hun land beroven, terwijl het eerder andersom is."

Het LAFF werd gesteund door onder meer Het Hivos NCDO Cultuurfonds, het Film Fonds en het VSB Fonds.