De kunsten staan lang niet altijd hoog op de politieke agenda in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. Toch erkennen steeds meer regeringen het belang van cultuur op zich en in relatie tot sociale en economische ontwikkeling. Deel twee van een serie over het cultuurbeleid van niet-westerse landen.

Angola (2005)

maart 2005 -

Na bijna dertig jaar oorlog lag de Angolese culturele infrastructuur volledig in puin. Sinds de komst van de vrede in 2002 staat de kunstensector in het teken van wederopbouw.

Elk jaar vindt op 8 januari de Nationale Dag van Cultuur plaats, een hommage aan de dichter Agostinho Neto, de eerste president van Angola. In 1979 hield hij op die datum een speech over nationale eenheid: cultuur zag hij als voornaamste bindmiddel. Maar door de oorlog kregen de kunsten geen prioriteit en raakten de nationale musea, archieven en de culturele infrastructuur ernstig in verval. Wederopbouw is dan ook de voornaamste zorg.

Het podium van het Nationale Theater in Luanda leek enkele jaren geleden nog het meest op een maanlandschap en de pluche stoelen zaten onder het stof. Nu vinden in het theater weer voorstellingen plaats. Ook opende het nieuwe cultureel centrum Agostinho Neto haar deuren. En i n Atlântico draaien tegenwoordig niet alleen weer films, de bioscoop is nu ook de plaats voor een hiphopfestival en de verkiezing van Miss Angola.

Het voorlopige Angolese cultuurbeleid, dat minister Boaventura Cardoso in maart 2003 presenteerde, beoogt cultuur voor iedereen toegankelijk te maken. Daarnaast moeten nieuwe technologieën de toestand van musea en archieven verbeteren. Middels belastingvoordelen wil men investeringen in de kunsten bevorderen. Verder gaf de regering onlangs opdracht voor een grootscheeps onderzoek naar de geschiedenis van de Angolese literatuur. De Nationale Cultuurprijs wordt sinds 2000 jaarlijks uitgereikt als stimulans voor de kunsten.

Het meest ambitieuze project is waarschijnlijk I Trienal de Arte e Cultura Contemporânea. Deze moderne kunstmanifestatie, die in november 2005 begint met het audiovisuele festival Observatório de Imagética Africana, moet in 2008 uitmonden in TACCA, een permanent centrum voor hedendaagse kunst in Luanda.