De kunsten staan lang niet altijd hoog op de politieke agenda in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. Toch erkennen steeds meer regeringen het belang van cultuur op zich en in relatie tot sociale en economische ontwikkeling.

Angola (2008)

april 2008 -

Het Angolese Ministerie voor Cultuur stelde in maart 2003, een jaar na het einde van de oorlog, een voorlopig cultuurbeleid op. Sindsdien vonden elk jaar in de hoofdstad Luanda grootscheepse conferenties plaats waaraan vooraanstaande academici, kunstenaars, beleidsmakers en regeringsfunctionarissen deelnamen. Zo diende het parlement, waar in de Portugese tijd een bioscoop was gevestigd, in september 2006 als locatie voor een 'nationale ontmoeting' over cultuur. Een jaar later gingen de conferenties over Angola's geschiedenis en over de beeldende kunstsector. President Dos Santos bevestigde toen het belang van een uitgebreider wettelijk raamwerk om de toegang tot de kunsten te garanderen en het pluralisme in culturele creatie aan te moedigen.

De afgelopen jaren maakte de regering vooral vorderingen met het cultureel erfgoedbehoud. Zo bezocht een Unesco-commissie het land om een gezamenlijk conservatieplan op te stellen. Ook trad het nieuwe museumbeleid in werking: een voor een worden musea opgeknapt en de collecties in ere hersteld. Het Slavenmuseum in Luanda, het museum over het Koninkrijk Kongo in Mbanza Kongo en het antropologische museum in Dundo zijn al heropend. Subsidies aan kunstenaars, musici en schrijvers komen vooral uit het ministeriële Fonds voor Steun aan Artistieke en Culturele Activiteiten, dat in 2002 werd opgericht. Ook bedrijven als oliemaatschappijen en banken zetten steeds vaker culturele en maatschappelijke programma's op.

Het nieuwste ambitieuze plan van het Ministerie voor Cultuur omvat de bouw van een Cinema Campus: een soort filmuniversiteit voor acteurs, producenten en regisseurs. Zo'n campus, waarvan de bouw tussen 2009 en 2013 is gepland, bevat daarnaast filmstudio's en bioscopen. Het moet de filmsector in Angola, waar de wederopbouw vooral wordt betaald met oliegelden, een krachtige impuls geven. De details van het project worden eind november 2008 uit de doeken gedaan tijdens het eerste internationale filmfestival dat in Luanda plaatsvindt.