De kunsten staan lang niet altijd hoog op de politieke agenda in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. Toch erkennen steeds meer regeringen het belang van cultuur op zich en in relatie tot sociale en economische ontwikkeling. Deel negentien van een serie over het cultuurbeleid van niet-westerse landen.

Colombia

augustus 2006 -

Ondanks de voortdurende oorlog krijgen de kunsten veel aandacht in Colombia. De overheid heeft cultuur ingezet als middel tegen ‘angst, vergetelheid en geweld’. De bevolking wordt uitgenodigd het ‘democratisch, cultureel burgerschap’ te omarmen.

Het Ministerie van Cultuur lanceerde in november 2001 haar toekomstvisie voor het komende decennium: het Nationale Plan voor Cultuur. De strategie is volgens het ministerie als ‘een weg’ die Colombianen gezamenlijk uitstippelden, na een consultatieproces van ruim een jaar waaraan meer dan 25.000 mensen meededen.
Het gedecentraliseerde beleidsproces is een voortdurend, op zichzelf staand doel. Zo richtte het ministerie een documentatiecentrum in om burgers te informeren over cultuurbeleid en peilde ze verschillende keren onder de bevolking of de strategie aan de verwachtingen voldoet.

Twee principes springen eruit: de erkenning van de multiculturele samenleving en het belang van ‘herinnering’. Het beleid beoogt ‘ruimte te creëren’ voor zelfreflectie, culturele vorming, creativiteit en onderzoek. Cultureel erfgoedbehoud moet bijdragen aan ‘een cultuur van vrede’.

De regering hoopt dat haar beleid ook een sociale en economische impact heeft. Door het voortdurende geweld wil de economie maar niet stabiliseren. Cultuur, zo lijkt de gedachte, kan het begrip tussen bevolkingsgroepen verbeteren en daarmee oorlog verbannen. Maar juist door de economische malaise krimpt het cultuurbudget al jaren. Kunstorganisaties krijgen geen structurele steun; slechts projecten kunnen meedingen naar een overheidsbijdrage. Daarbij weegt niet de kunst, maar het publieke belang het zwaarst. Het voornaamste doel van het cultuurbeleid is immers kunst toegankelijk maken voor iedereen. Colombianen zouden democratische, culturele burgers moeten worden.