De kunsten staan lang niet altijd hoog op de politieke agenda in Afrika, Latijns-Amerika en Azië. Toch erkennen steeds meer regeringen het belang van cultuur op zich en in relatie tot sociale en economische ontwikkeling. Deel eenentwintig van een serie over het cultuurbeleid van niet-westerse landen.

Suriname

oktober 2006 -

De Surinaamse regering legde in augustus 2006 de laatste hand aan een ontwerpcultuurbeleid. Voor de komende tien maanden staat intensief overleg met culturele partners en kunstenaars op de agenda. Het uitgangspunt van het definitieve beleid, dat uit de besprekingen moet voortvloeien, is de omvangrijke culturele verscheidenheid.

Het directoraat Kunst en Cultuur van het Surinaamse ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling, dat sinds haar oprichting in 1980 verantwoordelijk is voor de kunstensector, staat een geïntegreerde aanpak voor. Tot nu toe ontwikkelden de verschillende kunstensectoren zich los van elkaar. Het cultuurbeleid moet als gemeenschappelijke basis dienen. Ook zal kunst onderdeel worden van het curriculum op scholen. Kennis van kunst en cultuur brengt niet alleen meer eenheid en wederzijds respect. Ook zal culturele vorming het bewustzijn van Surinames culturele erfenis vergroten, zo is de gedachte.

Het culturele erfgoed vormt al een belangrijke pijler van het internationale cultuurbeleid dat Suriname in 2001 opstelde. Zo sloot het land een vijfjarig verdrag met de Nederlandse regering over gezamenlijk erfgoedbehoud, zoals de archieven uit de koloniale tijd en het complex Fort Zeelandia. Het historische centrum van Paramaribo, dat uit de 17de en 18de eeuw stamt, staat sinds 2002 op de werelderfgoedlijst van Unesco. In januari 2005 werd Suriname als enige Nederlandssprekende land in Latijns Amerika lid van de Nederlandse Taalunie, een cultureel samenwerkingsverband tussen Nederland en Vlaanderen.

Sinds Surinames onafhankelijkheid van Nederland in 1975 vormt de zoektocht naar een eigen identiteit een belangrijk doel voor kunstenaars. Organisaties zoals Schrijversgroep 77 en de Federatie van Visuele Kunstenaars in Suriname (FVKS) richten zich daarbij vooral op de Caribische buurlanden. Zo speelden zij een voorname rol bij de oprichting van de eerste Caribische biënnale in Santo Domingo en het jaarlijks terugkerende festival Carifesta.